zondag 24 juli 2011

Kristl Strubbe (2): vleesvervangers en goesting.

Ik heb al eens over Kristl Strubbe geschreven en ik schreef al over vleesvervangers. Vandaag over beide tesamen.

Mevrouw Strubbe - zoals gezegd beschouw ik haar als een bondgenote, want ze is grotendeels vegetariër - schreef op 27/6 in haar 'Dagelijks Brood' column nogmaals over vlees of geen vlees (zie hier, voor geabonneerden op DS online).

Haar argumententie komt hierop neer dat ze het niet kon volhouden om steeds 'namaakvlees' in haar mond te stoppen, en ondertussen flexibeler is geworden en af en toe, wanneer ze bijvoorbeeld zin heeft in de tajine met kip in haar favoriete Marokkaanse restaurant, daar gewoon aan toegeeft. "En al ben ik dan geen echte vegetariër, dan is dat maar zo. Het lijkt me gezonder dan dat grote doen alsof."

Eerst en vooral: ik schreef in mijn vorige blog over "flexibel vegetariër zijn". Dat was geen pleidooi aan vegetariërs om plots allemaal uitzonderingen te beginnen maken, maar wel een appèl om verdraagzamer te zijn tegen mensen die dat wel doen, en om te kijken naar de stappen die die mensen wél nemen, in plaats van zich blind te staren op die ene uitzondering - die tajine met kip dus, in dit geval. (ondertussen, o ironie, ben ik dat hier nu wel net aan het doen :-). Zoals gezegd geloof ik dat veel mensen sneller zullen verleid worden om meer vegetarisch te eten en bijna-vegetariër te worden wanneer ze niet het idee hebben dat ze 100% consequent moeten zijn. Als Kristl Strubbe dat zo aanvoelt, dan moet ze dat zeker doen. Dat ze "geen echte" vegetariër is, mag niet meer zijn dan een nuchtere, niet-veroordelende constatatie, die vegetariërs wat mij betreft gerust nog mogen maken, maar gewoon om te zorgen dat de omwereld aan de 100%-vegetariërs geen "uitzonderingen" begint op te dringen, niet om te beschuldigen, te veroordelen of uit-de-club-te-sluiten.

Waar ik het in Strubbe's column wat moeilijk mee heb, is de veralgemening die ze maakt. Ik ken haar precieze beweegredenen niet om (bijna) geen vlees, maar wel vleesvervangers te eten. Zij blijkt ontgoocheld door de namaak:

"Er is heel wat doorzettingsvermogen nodig om jezelf jarenlang wijs te maken dat een veggie hamblokje hetzelfde is als een echt hamblokje. De veggie versie is gemaakt van soja, wei en aardappelzetmeel. Een of andere aromatoevoeging zorgt voor een hamsmaak en de betwistbare kleurstof Allura rood geeft de substantie een hartige roze hamkleur. Waarom wou ik dit ook alweer eten? De vegetarische industrie gaat nog verder. Wie naast vlees ook geen vis wil eten, heeft de keuze uit massa's veggie variaties: van veggie scampi tot veggie tonijn en zelfs veggie kaviaar. En wie nog een stapje verder gaat en ook geen kaas wil eten, krijgt veggie parmezaan, veggie mozzarella en veggie fonduekaas op zijn bord."

Ten eerste: uiteraard heeft niet elke veggie de ervaring van gemis aan vlees. Misschien sowieso niet, misschien dank zij het bestaan van vleesvervangers. Laat ik even voor mezelf spreken: ik eet graag vleesvervangers, misschien zelfs omdat ze me doen denken aan het vlees dat ik vroeger at (want dat at ik graag), maar 1) ik zou er nooit of te nimmer aan denken om nog een stuk vlees in mijn mond te stoppen en 2) ik heb er geen last van dat ik een "imitatieproduct" eet. Ik hoef mezelf niet - zoals Strubbe zegt - "jarenlang wijs te maken dat een veggie hamblokje hetzelfde is als een echt hamblokje". Aan dat "wijsmaken" is eenvoudigweg geen behoefte. Dat komt natuurlijk doordat mijn motivatie om geen vlees te eten nogal diep zit, en zo ongeveer alle gustatieve behoeften kan overtroeven, in mijn geval.

Nu, zoals gezegd, dat is niet voor iedereen zo, en die smaak, da's wel degelijk een belangrijk aspect van de hele zaak. We hebben lekkere - en voor sommigen ook authentieke - producten en gerechten nodig om de grote hoop van de mensen mee te krijgen. Goesting (een woord dat mijns inziens ondertussen een vreselijk cliché geworden is, maar dat terzijde) is inderdaad een belangrijke motor van verandering. Maar veralgemeen dat niet a.u.b. Er zijn wel degelijk nog mensen die belangrijkere waarden hebben dan goesting.

En om te eindigen nog iets over die producten die Strubbe afwijst. Liever het echte product, zegt zij. Liever geen namaak. Nu kan het zijn dat de kip van Hafid een natuurproduct is, maar meer waarschijnlijk is dat vlees een erg onnatuurlijk product, afkomstig van een dier dat een erg onnatuurlijk en onnatuurlijk kort leven heeft geleden. Eigenlijk is het wellicht een kuiken dat tegen de leeftijd van zes weken helemaal is vetgemest (vergelijkbaar met een jongen van acht die eruit zou zien als Arnold Schwarzenegger in zijn gloriedagen). Ik weet 't niet, maar mij lijkt dat allemaal veel minder aantrekkelijk dan eventueel wat aroma's of wat kleurstoffen (als die er al zijn, want vleesvervangers zijn vaak bio).

Weet je wat 't is? Over waar die kip vandaan komt, daar denken we liever niet teveel over na. De herkomst en samenstelling analyseren van dat veggie hamblokje, dat is lang niet zo bedreigend. Ik wil het even niet hebben over wat er allemaal in die échte kip of in dat échte varken gaat, maar - ook al lijkt het me dat ze dat al weet - mocht mevrouw Strubbe de levenscyclus van de kip van Hafid kennen, dan zou de *goesting* haar wellicht snel vergaan.