vrijdag 23 juli 2010

Geld voor vleespromotie: hoe kan het in deze tijden?

Terwijl er over vegetarisme as such nog kan gediscussieerd worden, staat één ding buiten kijf: de huidige vleesproductie en -consumptie in westerse landen is nefast voor de gezondheid, het milieu en het dierenwelzijn. En toch blijft de VRT promotiespotjes voor vlees verkopen als "mededeling van openbaar nut". En toch blijft Europa geld stoppen in promotiecampagnes voor vlees. VILT berichtte over een paar nieuwe aanbestedingen van Europees subsidiegeld: 280.000 euro voor verwerkte groenten (in blik, bokaal, of diepvries, ahem), 570.000 euro voor de aardappel (tegenover onder andere rijst, ahem) en niet minder dan... 1,9 miljoen euro voor de promotie van "kwaliteitsvlees". We lezen:

De slogan van de nieuwe campagne luidt 'Meritus. Certus. BCV. Uw garantie op vlees van topkwaliteit.'. De boodschap is dat kwaliteitssystemen voor vlees van topkwaliteit zorgen en op elk niveau streng gecontroleerd worden. VLAM wil het vertrouwen in de vleesproductie naar 60 procent opkrikken en een grotere voorkeur creëren voor kwaliteitsvlees.

Kwaliteit is zo vaak een loos begrip, en ook hier is dat het geval. Jazeker, het ene vlees is het andere niet, noch qua voedselveiligheid, noch qua smaak, noch qua dierenwelzijn, enzovoort. Maar schermen met termen als "topkwaliteit" doet hoegenaamd niets aan de schadelijke gezondheids- of milieuimpact van vlees. Moeten we hier geloven dat het de bedoeling is om consumenten te laten kiezen voor kwaliteitsvlees en zo misschien "minder maar beter vlees" te laten kopen en eten? De labels "kwaliteit", evenals "meritus" en "certus" zijn niet meer of minder dan handige instrumentjes om generieke reclame voor vlees te maken, en de biefstuk, kippebil of varkenskotelet te behoeden voor het verder tanen van hun imago.

Ongetwijfeld zullen de door Europa gesponsorde spotjes alweer verkocht worden als mededeling van openbaar nut op de VRT. De evidente vraag die zich stelt is natuurlijk: wiens nut? Niet dat van de consument (die er al teveel eet). Niet dat van onze planeet (die zweet onder de huidige vleesproductie). Niet dat van de mensen in het zuiden (waar de globale groei van de vleesproductie het voedselprobleem enkel groter maakt). En al zeker niet het nut van de 60 miljard dieren die ervoor gedood worden.
Blijft over: het nut van de producenten en de economie, dat altijd het laatste woord krijgt.
Voorlopig nog. Want de toekomst is plantaardig.

(Zie ook: een interessant document over Europese subsidies voor dierlijke voedingsproducten van ex-MEP Jens Holm)