zaterdag 21 maart 2009

De toekomst is plantaardig... of toch niet helemaal?

Naast wijzigingen in de mentaliteit en het bewustzijn van mensen, zijn er nog andere factoren die maatschappelijke verandering in de praktijk kunnen realiseren. Technologie is daar eentje van. Op het gebied van vleesconsumptie spreken we dan over... in vitro vlees. Vlees uit het laboratorium, waar geen leed of bewustzijn aan te pas komt. Het is een controversieel onderwerp, zelfs onder vegetariërs. Doen PETA aankondigde een miljoen dollar uit te loven aan wie in vitro vlees als eerste in de winkelrekken bracht, veroorzaakte dat binnen de organisatie enorme discussie.

Ik kreeg deze week een paper in mijn mailbox getiteld "Vegetarian Meat: Could Technology Save Animals and Satisfy Meat Eaters?" en was aangenaam verrast over de samenvatting bovenaan, die met veel klaarheid en nuchterheid de situatie en de mogelijkheden schetst:

"Between people who unabashedly support eating meat and those who adopt moral vegetarianism, lie a number of people who are uncomfortably carnivorous and vaguely wish they could be vegetarians. Opposing animal suffering in principle, they can ignore it in practice, relying on the visual disconnect between supermarket meat and slaughterhouse practices not to trigger their moral emotions. But what if we could have the best of both worlds in reality—eat meat and not harm animals? The nascent biotechnology of tissue culture, originally researched for medical applications, holds out just such a promise. Meat could be grown in vitro without killing animals. In fact, this technology may not just be an intriguing option, but might be our moral obligation to develop.