Doorgaan naar hoofdcontent

Vijf levenslessen

Dit artikel verscheen in De Standaard van 12 juni 2015 onder de titel "De Vijf Levenslessen van Tobias Leenaert."



1. Een missie hebben in je leven is een zegen
‘Nietzsche zei ooit: “Wie een waarom heeft waarvoor hij kan leven, kan bijna elke hoe verdragen.” De laatste twintig jaar heb ik altijd een missie gehad: ik wist waarvoor ik stond en wat de bedoeling van mijn leven was. Die houvast ben ik vorig jaar even kwijtgeraakt. Het was verwarrend: was ik mijn missie kwijt of de concrete invulling ervan?’

‘Nu besef ik des te meer wat die missie waard is. Het leven is volgens mij zinloos als je geen invulling voor je leven hebt.’

2. Geluk heeft weinig te maken met je externe situatie
‘Ik heb ongeveer alles wat ik wil: een goed lief, een fijn huis, een geweldige job. Dat ik me plots lange tijd niet goed meer voelde, had met die externe factoren niets te maken, het kwam van binnen. Geluk hangt niet zozeer af van de gebeurtenissen in je leven, wel van hoe je er op reageert.’

‘Ik kon wel vechten en inspanningen leveren, maar het lag grotendeels buiten mijn controle. Afstand nemen van mijn werk en een therapeut hebben daar tot op zekere hoogte bij geholpen. Maar je moet het vooral uitzitten. Plots was dat gevoel van geluk terug en ik weet nog altijd niet waaraan dat ligt.’

3. Ga ervan uit dat we niets kennen van communicatie
‘Toen ik een vriendin op haar sterfbed bezocht, vertelde ze me dat ze van een aantal aanwezigen niet wilde dat die er waren. Ze had nog een paar weken te leven, maar ze kon nog altijd niet zeggen wat ze echt wou.’

‘We zijn moeilijk in staat om over te brengen wat er leeft in ons, wat we voelen of denken. Bang om beoordeeld te worden, te kwetsen of gekwetst te worden. Compassievolle communicatie leer je niet van vandaag op morgen. Beseffen dat we niet goed bezig zijn is een goed begin.

Ik ben open geweest over mijn burn-out en kreeg daar veel begrip voor. Idealiter komt er door sociale media ooit een wereld waarin privacy passé is, waarin iedereen elkaars onnozele of geile gedachten kent.’

4. Wees traag in het vellen van een oordeel
‘Ik vind het zeer vermoeiend om steeds een mening te moeten hebben of die van anderen te kennen. Op Facebook kun je je in vijf seconden een mening vormen, terwijl we daarin net trager zouden moeten zijn. De maatschappij is complexer, het internet biedt zo veel meer informatie, een verhaal heeft geen twee, maar zes kanten. Ik heb nog altijd geen mening over ggo’s.’

‘Het is schandalig ook hoe snel mensen worden afgekraakt, op basis van veralgemeningen. Ik betrap mezelf er ook op en daarom schort ik een oordeel zo veel mogelijk op, uit respect voor anderen. Dat heeft ook nadelen: het houdt in dat je niet snel tot beslissingen komt. Als leidinggevende was dat voor mij heel problematisch.’

5. Het is nooit zo erg als je denkt
‘Toen ik besliste om te stoppen als directeur bij EVA, stelde ik me spontaan de vraag: wie ben ik dan nog? We hebben te veel de neiging om te denken in alles of niets, terwijl het vaak niet om dilemma’s gaat, er zitten veel meer mogelijkheden tussenin.’

‘Als je bang bent voor de toekomst, rampscenario’s in je hoofd hebt, moet je er op een metaniveau over kunnen nadenken. Wees je ervan bewust dat je door een tunnelvisie misschien niet alle opties ziet.’

INFO

Tobias Leenaert is oprichter en ex-directeur van Ethisch Vegetarisch Alternatief (EVA)

Reacties

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Een veggie gevoel voor humor

"If I can't dance, I don't want your revolution" Het zijn de gevleugelde woorden van activiste, feministe, anarchiste Emma Goldman. Ze sprak ze tegen een collega-revolutionair, die haar gezegd had dat het niet ok was voor iemand als zij om zo te dansen. Persoonlijk heb ik niet zoveel met dansen, maar ik voel veel voor het sentiment achter bovenstaand citaat. Ik kan het best opnieuw zeggen met Goldmans eigen woorden: "I did not believe that a Cause which stood for a beautiful ideal (...) should demand the denial of life and joy." Dat geldt volgens mij voor alle sociale kwesties. Gelijk hoe erg en vreselijk de zaken zijn waartegen gevochten wordt ook zijn: humor, lachen, genot, vreugde moeten denk ik *altijd* deel uitmaken van de aanpak, moeten eigen zijn aan de mensen die verandering willen. Eigenlijk is het kinderlijk eenvoudig: wie grote verandering wil, moet grote groepen van mensen bereiken en voor zijn kar spannen. Daar zijn verschillende manieren