vrijdag 18 april 2014

Over vage-tariërs, vergeetariërs en veel-te-gaar-iërs

Eten is vandaag een ingewikkelde zaak geworden. We zijn enorm bezig met wat nu gezonde of duurzame voeding is (de bewuste consumenten onder ons, tenminste). We weten niet meer wat we moeten eten, en - meer nog - we weten soms ook niet meer wat we eten: rundvlees blijkt paardenvlees, kaas bevat geen kaas, er kan met genen geprutst worden, enzoverder. En als het spreekwoord "je bent wat je eet" klopt, dan weten we dus niet meer wie we zijn. Sta me toe de verwarring een beetje te vergroten, en even de verschillende mogelijke verschijningsvormen van de eter te schetsen, volgens de schaal van veel naar weinig vlees.

- helemaal beneden hebben we de "echte vleeseter": de persoon die bijna geen groenten eet. Meestal is het een (vaak wat oudere) man. Hij is fier op zijn vleeslust - wil zijn biefstuk liefst bleu of ten hoogste saignant - en vindt groenten voor mietjes. Deze groep van mensen wordt vandaag gelukkig met uitsterven bedreigd.

- daarboven zitten onbewuste eters of omnivoren - nog altijd een grote groep van mensen. Ze hebben niet bepaald een carnivore ideologie zoals de echte carnivoren, maar het is nu eenmaal zo dat ze door opvoeding, cultuur... bijna elke dag vlees op hun bord liggen hebben. Ze zijn eigenlijk niet vrij: ze eten wat hun ouders en grootouders aten, wat de reclame hen vertelt, wat de supermakt afprijst, enzovoort.

- de eendagsvegetariër of Donderdag Vegetariër staat al een heel stuk verder: hier zien we voor het eerst een intentie, een bewust omgaan met af en toe geen vlees. De Donderdag Vegetariër sluit bewust vlees voor een dag per week uit, omdat hij of meestal zij weet dat dat een goede zaak is voor dier en milieu, en niet in het minst voor de eigen gezondheid.

- de flexitariër of parttime vegetariër doet daar een stukje bovenop. We zitten aan zeker drie dagen vegetarisch per week - doe je 3.5 dagen dan ben je een demitariër. Hier zitten veel groene en bewuste mensen, bakfietsmama's, andersdenkenden en anderslevenden. Soms gaat het hier over het subtype de vergeetariër, die groenten zodanig lekker vindt dat ze ze niet meer mist en eigenlijk vergeet om vlees te eten. Je kan ze soms ook tragetariërs noemen. Ze doen het op 't gemak.

- de voorkeursvegetariër zal voor vegetarisch kiezen waar de optie er is. Ze wordt verleid door vlees wanneer het haar aangeboden wordt, wanneer er voor de zoveelste keer alleen maar kaaskroketten of omeletten op het menu staan, enz. Het zijn mensen die naar buiten toe overkomen als vegetariërs maar die er niet expliciet over doen. Vandaar dat ze ook bekend staan als vage-tariërs. Ze doen er wat vaag over. Vandaar dat ze door kwatongen soms ook worden aanzien als fake-tariërs.

- hier ergens tussen zitten pescotariers (geen vlees wel vis) en pollotariërs (geen rood vlees, wel kip)
- de bijna-vegetariër of bijnatarier is de persoon die nog slechts héél af en toe een uitzondering maakt. Ze eet, zeg maar, één keer per jaar de stoverij van de oma. Of wanneer ze bij een onontdekte stam in Afrika of het amazonewoud belandt en daar speciaal voor haar het beste plaatselijke zoogdier wordt geslacht, zal ze het niet weigeren

- de vegetariër tout court - of lacto-ovo vegetariër, is de persoon die consistent en uitzonderingsloos alle vlees en vis - en producten waarin ingrediënten zitten van geslachte dieren, zal weigeren

- de veganist eet geen dierlijke producten tout court meer, enkel nog plantaardig. Dus geen vlees, geen vis, geen zuivel, geen eieren, geen honing. Een veganist kan natuurlijk ook bijna-veganist of flexi-veganist zijn. Een subtype van de veganist is vaak (maar niet altijd) de rawfoodie, die enkel rauwe plantaardige producten eet, of de fruitariër, die alleen de vruchten van planten eet (inclusief noten en zaden), maar niet de planten zelf.

Al deze mensen verschillen niet alleen in termen van hoeveel dierlijk of plantaardig ze eten, maar ook hoe ze erover communiceren. Tegenover de vage-tariër, die er heel vaag over doet, staat bijvoorbeeld de houding van de veel-te-gaariër, die soms een tikkeltje te fanatiek met zijn overtuiging omspringt.