Doorgaan naar hoofdcontent

Shooting the messenger

Als wereldverbeteraars (ik gebruik die term nogal vaak, omdat hij redelijk duidelijk is) een boodschap willen verspreiden, dan is het verleidelijk en makkelijk om te denken dat het waarheidsgehalte en de dringendheid van die boodschap de belangrijkste factoren zijn voor de algemene verspreiding en aanvaarding ervan. Jammer genoeg is het uiteraard niet zo simpel. Ik heb hier al vaak geschreven en gesproken over het belang van de verpakking van zo'n boodschap. Hoe formuleer je je vraag, wat is precies je call for action (in het geval van vegetarische voeding kan dat iets zijn ergens  op de schaal van "doe mee aan Donderdag Veggiedag" tot "go vegan"), welke tools reik je aan, enzovoort.

Maar daarnaast is er nog een andere factor: de boodschapper zelf. Don't shoot the messenger, luidt het gezegde, maar nieuwe studies (verschenen in het European Journal of Social Psychology) wijzen erop dat dat precies is wat zovele mensen - die een deel van ons doelpubliek vormen - juist doen: ze luisteren meer of minder naar de boodschap naar gelang ze de boodschapper oké vinden. Dat het doelpubliek daarbij stereotypen en clichés niet schuwt, mag duidelijk zijn. Feministen worden omschreven als onhygiënische mannenhaters, milieu-activisten als treehuggers en hippies.

Een en ander is onlosmakelijk verbonden met de aard van activisme, zeggen de auteurs:

“Unfortunately, the very nature of activism leads to negative stereotyping. By aggressively promoting change and advocating unconventional practices, activists become associated with hostile militancy and unconventionality or eccentricity.”

Actievoerders, activisten, wereldverbeteraars... zullen de perceptie van zichzelf bij het doelpubliek nooit helemaal kunnen controleren, in de eerste plaats omdat die clichés vaak verouderd zijn en onterecht gebruikt worden. En op zijn minst zijn het ernstige veralgemeningen. Bovendien is het wellicht zo dat veel mensen uit het doelpubliek actief op zoek gaan naar redenen om bepaalde moeilijke boodschappen niet te moeten horen. Een van die manieren is de boodschapper in diskrediet te brengen.

Toch kunnen activisten een belangrijke invloed uitoefenen op hoe ze gepercipieerd worden: door, wanneer ze daartoe bereid zijn, de gewraakte clichés zo weinig mogelijk te bevestigen. Het is belangrijk dat wie iets zinnigs te vertellen heeft, de ander zo weinig mogelijk excuses geeft om niet te luisteren.








Reacties

  1. Mee eens! maar tegelijk moet je ook weer niet je principes verloochenen... het is een dunne lijn waar je op loopt op zo'n moment.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Er zijn vegetariërs die wijzen op beroemde mensen (alsof deze de wijsheid in pacht zouden hebben), die vegetariër zouden zijn . Hiervan zijn lijstjes in omloop. Maar in veel gevallen is het niet duidelijk hoe lang deze beroemdheden vegetariër zijn en in welke mate (mensen die wel vis eten zoals Gwyneth Paltrow).

    Vaak val je dan al gauw door de mand, want soms zijn ze dat maar tijdelijk of nooit geweest. En er is altijd wel iemand die een beroemdheid (?) uit de Tweede Wereldoorlog als voorbeeld noemt of een moordenaar van een paar jaar geleden, en dan wordt al gelijk een negatief beeld van het vegetarisme gevormd.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

anonieme reacties worden niet gepubliceerd

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Open brief aan Axl Peleman

Beste Axl, Lang geleden, in 2004, hebben wij nog samengewerkt: je toen nog vegetarische hoofd prijkte - inclusief konijnentandjes - op een affiche voor ons vegetarische evenement V-day. Je was toen de enige echt overtuigde veggie BV. En ik bedoel wel degelijk écht overtuigd: in Humo liet je ooit eens noteren dat je een broodje waar vlees op gelegen had net zo min zou aanraken als een broodje dat met stront in contact geweest was. Vlees is stront, zo zei je toen. Ook in het interview dat ik destijds van je afnam, kwam je heel overtuigd over. Ondertussen ben je al lang geen vegetariër meer. We lazen dat vorige week nog eens in de krant (GVA, 6/6/2011): Vegetarisch eten bleek er na 15 jaar te veel aan te zijn. Niet genoeg tijd. (...) "Vijftien jaar lang at ik geen vlees. Uit ideologische overwegingen. Maar sinds een jaar of zes heb ik het vegetarisme achter mij gelaten. Het is een gezonde levensstijl als je er veel tijd in steekt. Tijd die ik niet meer had, of er in ieder geval