zondag 12 september 2010

Vleesvervangers: voor of tegen?

Vleesvervangers zijn nogal controversieel onder vegetariërs. Hoe meer ze op vlees lijken, naar vlees ruiken, als vlees aanvoelen... hoe problematischer ze worden. Of toch voor veel veggies, want er zijn er ook die grote fan zijn van vleesvervangers. Waaronder schrijver dezes.

De vegetariërs die tegen vleesvervangers zijn, tekenen bezwaar aan tegen het idee dat zij iets zouden nodig hebben dat smaakt naar of doet denken aan vlees. Ze missen geen vlees, ze willen geen vlees, ze moeten geen vlees. Dus geef hen alstublieft ook geen vleesvervangers. Bovendien zijn dergelijke producten voor vele vegetariërs niet gezond genoeg: te zout, te vet, te bewerkt...

De voorstanders denken er anders over. Zij eten graag vleesvervangers, en die mogen gerust goed (of erg goed) op vlees lijken. Misschien zijn zij de mensen die vroeger erg graag vlees aten (zoals ondergetekende, die niets liever at dan steak au poivre, tot hij vegetariër werd rond zijn 22ste).

Over smaak moeten we niet discussiëren. Zeker niet onder vegetariërs. Er is echter een andere reden dan subjectieve smaakbeleving om PRO vleesvervangers te zijn: ze zijn makkelijk, en dus (tenminste de beste onder hen) geschikt om de grotere massa over de brug te krijgen. Meer geschikt, alvast, dan linzen, zeewier, adukibonnen of kikkererwten.

Ik hoop steeds opnieuw dat de vleesvervangerhatende vegetariërs dat inzien, en dat ze even ophouden met zeuren over al-die-producten-die-zo-op-vlees lijken. Niemand wordt immers verplicht ze te eten, en wie andere dingen wil klaarmaken, die heeft keuze genoeg. Ik verwacht dat de meeste vegetariërs het een goede zaak vinden wanneer niet-vegetariërs worden warm gemaakt voor vegetarische voeding. Vleesvervangers en andere convenience producten zijn daarvoor in zekere mate noodzakelijk. De consument die biefstuk en hamburgers gewoon is, wordt geconfronteerd met een lege plek op zijn of haar bord. Een vleesvervanger kan een makkelijke en logische opvolger of vervanger van biefstuk, burger of kotelet zijn. Niet noodzakelijk de meest gezonde, haute cuisine of creatieve optie, maar makkelijk. En makkelijk, da's belangrijk.

Voor de vegetariërs die zich afvragen hoe de producenten het in hun kop halen dat al die veggies producten willen die op vlees lijken en naar vlees smaken: wel, in de eerste plaats wordt je veggieburger niet voor jou gemaakt. Veggies maken maar twee procent van de bevolking uit. Vleesverminderaars en potentiële vleesverminderaars zijn een veel grotere markt, vandaar...

Dus, vleesvervanger-averse vegetariërs: ben je niet voor vleesvervangers, eet ze dan gewoon niet, maar juich tenminste toe dat de lekkerste onder hen de overstap naar meer vegetarisch eten makkelijker kunnen maken voor veel mensen.