Doorgaan naar hoofdcontent

Geachte heer Colruyt

Geachte heer Colruyt

Colruyt doet veel voor duurzaamheid, en dat appreciëren we. We willen daarom graag even reageren op een bericht in Vilt, waarin we lazen dat u mogelijks interesse heeft in aquacultuur.

Aquacultuur is geen duurzame oplossing voor visvangst, en ook niet voor de hoge vleesconsumptie.
De zeeën zijn bijna leeggevist (er wordt voorspeld dat er binnen veertig jaar geen eetbare vis meer zou zijn in de oceanen) en ze verzuren in hoog tempo door de overmatige hoeveelheid CO2 die de mens produceert. Dat de oceanen ondertussen sterk vervuild zijn met dioxines, pcb´s, zware metalen en vooral met zeer toxische en carcinogene brandvertragers, maakt dat vis al lang niet meer het gezonde voedsel is dat het mogelijk ooit was.

Aquacultuur lijkt dan een logisch alternatief. Toch kleven hieraan momenteel nog zeer veel problemen, die de eerstkomende jaren niet opgelost zullen zijn. In de eerste plaats worden er veel te veel dieren per kubieke meter gehouden. De ziektes die dit veroorzaakt, worden bestreden met veel te veel antiparasitaire geneesmiddelen en antibiotica, die ook voor de mens uitermate ongezond zijn. Er zijn in Europa slechts twee bedrijven die geen of nauwelijks antibiotica gebruiken.

Een ander zeer groot probleem is dat er momenteel nog altijd (wilde) vis aan (kweek)vis gevoerd wordt. Momenteel is er gemiddeld tussen de 2 en 6 kilogram wilde vis (in de vorm van meel en olie) nodig om 1 kilogram kweekvis te krijgen. Het gaat hier om totaal 38 miljard kilogram vis die gevangen wordt om kweekvis (maar ook varkens en kippen) te voeren.

Daarnaast is er het nog lang niet opgeloste probleem van vissenwelzijn: vissen hebben een goed ontwikkeld zenuwstelsel en kunnen zeer goed pijn, angst en stress ervaren. Vissen horen daarom onder de Europese wet van 2004 te vallen, die zegt dat dieren die voor consumptie gedood worden binnen een seconde dienen te sterven, of zodanig verdoofd moeten zijn dat zij van het sterven niets merken. In de visserij (wild en kweek) is daarvan nog geen sprake.
De uiteindelijke vraag is dan of we vis wel voor onze gezondheid nodig hebben. Het antwoord is nee. Vis bevat inderdaad dierlijke eiwitten, maar daarvan hebben we in Europa al gemiddeld 60-70% te veel.

De echte oplossing voor de toekomst ligt volgens ons in de evolutie naar meer plantaardig eten. De belangrijke omega-3 derivaten in vette vis, EPA en DHA, zijn in feite plantaardige stoffen en maakt vis niet zelf. Vis haalt deze uit eencellige planktonalgen. Het zou dus beter zijn dat de industrie zich zou richten op het ontwikkelen van visvervangers (die al beperkt bestaan), met omega-3 en plantaardige eiwitten. Misschien kan Colruyt dààrin een voortrekkersrol spelen? Of in de verdere verspreiding en mogelijk ook ontwikkeling van andere plantaardige eiwitten (vleesvervangers). Zowel EVA vzw als de Sea First Foundation willen u daarin alle steun aanbieden.

Met vriendelijke groet

Tobias Leenaert
Directeur EVA vzw

Dos Winkel
Bestuur Sea First Foundation

Reacties

  1. Leuk om samenwerking tussen EVA en SFF te zien !

    BeantwoordenVerwijderen
  2. En nu maar te hopen dat mijn supermarkt luistert naar dit goed beargumenteerde betoog...

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Goed geschreven. Dikke pluim!

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Netjes.
    Heb je al antwoord gekregen?

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

anonieme reacties worden niet gepubliceerd

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Open brief aan Axl Peleman

Beste Axl, Lang geleden, in 2004, hebben wij nog samengewerkt: je toen nog vegetarische hoofd prijkte - inclusief konijnentandjes - op een affiche voor ons vegetarische evenement V-day. Je was toen de enige echt overtuigde veggie BV. En ik bedoel wel degelijk écht overtuigd: in Humo liet je ooit eens noteren dat je een broodje waar vlees op gelegen had net zo min zou aanraken als een broodje dat met stront in contact geweest was. Vlees is stront, zo zei je toen. Ook in het interview dat ik destijds van je afnam, kwam je heel overtuigd over. Ondertussen ben je al lang geen vegetariër meer. We lazen dat vorige week nog eens in de krant (GVA, 6/6/2011): Vegetarisch eten bleek er na 15 jaar te veel aan te zijn. Niet genoeg tijd. (...) "Vijftien jaar lang at ik geen vlees. Uit ideologische overwegingen. Maar sinds een jaar of zes heb ik het vegetarisme achter mij gelaten. Het is een gezonde levensstijl als je er veel tijd in steekt. Tijd die ik niet meer had, of er in ieder geval