woensdag 7 april 2010

Belgisch witblauw: niets om trots op te zijn


Het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) kwam gisteren met iets nieuws op de proppen: een ambassadeur voor het Belgische witblauw koeienras. De persoon die de consumptie van deze dieren verder zal stimuleren is wereldkampioen barbecue Peter De Clercq. In Het Laatste Nieuws zegt hij: “Nergens in de wereld hebben we zo’n lekker vlees als ons eigen Belgisch witblauw. Waarom zouden we het niet promoten?”.
Sta me toe, beste mr. De Clercq, u alvast één goede reden te geven: de enorme spiermassa van de Belgische witblauw runderen is het resultaat van een genetisch defect. Mensen hebben dat via fokken dusdanig verder uitgebuit dat de dieren enkel nog kunnen kalveren via keizersnede, en daarnaast onder een hele hoop gezondheidsproblemen lijden.

“We moeten meer chauvinisme tonen over het smakelijkste stukje Belgisch rundvlees”, aldus de nieuwe ambassadeur. Dit lijkt me eerlijk gezegd een beetje misplaatst, vooral als we zien dat andere landen die nationale trots van ons niet zo graag zien komen. In Zweden bijvoorbeeld, heeft men er alles aan gedaan om de Belgische witblauw runderen te weren, precies omdat de dieren lijden onder hun eigen onnatuurlijke lichaam. Door de enorme afmetingen van de runderen worden vitale organen niet optimaal ontwikkeld, met als resultaat mogelijke hart- en ademhalingsproblemen. De dieren lijden ook aan gewrichts- en botproblemen, hebben soms moeite met lopen en kunnen ook niet op een natuurlijke manier paren (als ze dat al zouden mogen). Ze zijn ook zeer kwetsbaar voor bepaalde vitamine-tekorten, die acuut hartfalen tot gevolg kunnen hebben. Dat het gebruik van keizersneden hun economische levensduur verkort (zeven keizersneden blijkt zowat het maximum) is niet echt een probleem, want deze dieren worden meestal toch geslacht na twee of drie keer kalveren.
Omdat Europa echter oordeelde dat een ban op de invoer van Belgisch witblauw niet kon, is het vlees in Zweden toch te krijgen, hoewel het kweken met de dieren er verboden is.

We spreken hier over dieren die geoptimaliseerd werden om zo veel mogelijk biefstuk op te brengen, en daardoor niet alleen het slachtoffer zijn van onze vleeslust, maar ook van hun eigen lichaam. Is dat echt iets om chauvinistisch over te doen?