Doorgaan naar hoofdcontent

Een zen-gevoel bij het vissen?

Al enige tijd geleden (september 2012) stond in Knack een artikel over de opkomende populariteit van vissen ("de hengelsport") bij jongeren. De streamer van dat artikel luidde: "Ik hou van het zen-gevoel bij het vissen". Jongeren leiden een jachtig leven met heel veel prikkels, en de rust die ze vinden bij het vissen is welkom, zo klinkt het.

Dat snap ik wel, die nood aan rust. Maar wat voor een rust is het? Met "zen-gevoel" associeer ik stilte, rust, maar ook vrede. Die zie ik niet meteen in de "hengelsport", jammer genoeg. Hier en daar (of eigenlijk, overal) vind je dingen in onze maatschappij - bezigheden, voorwerpen, activiteiten, beroepen... whatever - waarbij de keerzijde van de medaille wordt doodgezwegen. Soms gaat het over dingen die helemaal worden opgehemeld. Vissen is er zo eentje. Lijkt op het eerste gezicht fantastisch, toch? Genieten van de natuur, de rust, het mooie weer, het gras... Wie kan daar nu iets tegen hebben?

Wel, de vissen zelf, om te beginnen. Als we even in onze verbeelding de rollen zouden omkeren bij het sportvissen, dan moet het om zoiets gaan: je zwemt nietsvermoedend ergens in een vijver of rivier. Plots zie je daar een lekker hapje in het water liggen. Het drijft zo recht voor je mond. Je hapt ernaar, maar zodra je je mond gesloten hebt, word je meegesleurd onder water. Je mond doet vreselijke pijn, en je dreigt te stikken. Je voelt een panische angst en spartelt voor je leven. Dan plots (als je geluk hebt) wordt je mond bevrijd en schiet je omhoog, weer uit het water. Je hebt 't overleefd, maar dit wil je echt niet nog een keer meemaken.

Voor iemand me zegt dat ik antropomorfiseer: de wetenschap is er er ondertussen al een tijdje over uit dat vissen pijn, angst en stress kunnen ervaren. Weinig zen-gevoel dus, voor die dieren.

In het Knack artikel wordt met geen woord gerept over dat aspect van "de hengelsport". Giovanni Vanhoren, jeugdcoordinator van de Vlaamse Vereniging van Hengelsportverbonden, verklaart de stijgende populariteit deels door hun eigen inspanningen: "Onze jeugdcel probeert zo veel mogelijk de sport te promoten bij jongeren." Een van hen getuigt: "Het heeft ook iets onnozels: lang zitten wachten tot je een vis vangt om hem vervolgens terug te gooien. Maar het gevoel wanneer je een vis vangt, is onbeschrijfelijk. Dat is pure adrenaline." (Ook adrenaline lijkt me incompatibel met zen-gevoel, maar soit.)

Terwijl de hengelbonden jongeren proberen aan te trekken voor hun "sport", hoop ik dat meer en meer mensen slimmer zijn dan dat en vissen kunnen zien voor wat het is, en dat onze jongeren rust mogen vinden in andere, meer vredelievende activiteiten. Ik denk maar aan fotografie ("take nothing but photographs, leave nothing but footprints"), of gewoon rustig aan de waterkant zitten, of vogels of insecten bestuderen.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Een veggie gevoel voor humor

"If I can't dance, I don't want your revolution" Het zijn de gevleugelde woorden van activiste, feministe, anarchiste Emma Goldman. Ze sprak ze tegen een collega-revolutionair, die haar gezegd had dat het niet ok was voor iemand als zij om zo te dansen. Persoonlijk heb ik niet zoveel met dansen, maar ik voel veel voor het sentiment achter bovenstaand citaat. Ik kan het best opnieuw zeggen met Goldmans eigen woorden: "I did not believe that a Cause which stood for a beautiful ideal (...) should demand the denial of life and joy." Dat geldt volgens mij voor alle sociale kwesties. Gelijk hoe erg en vreselijk de zaken zijn waartegen gevochten wordt ook zijn: humor, lachen, genot, vreugde moeten denk ik *altijd* deel uitmaken van de aanpak, moeten eigen zijn aan de mensen die verandering willen. Eigenlijk is het kinderlijk eenvoudig: wie grote verandering wil, moet grote groepen van mensen bereiken en voor zijn kar spannen. Daar zijn verschillende manieren