Doorgaan naar hoofdcontent

Lekker niet met uitsterven bedreigd!

De Universiteit Antwerpen kondigde aan dat ze stopt met het serveren van tonijn. Dergelijke stapjes, ook al zijn het hele kleintjes, zijn een klein applaus waard want ze zijn zeldzaam. Proficiat dus aan de Universiteit Antwerpen.

Ondertussen achtte FEVIA, de federatie van de Vlaamse voedingsindustrie, het nodig om erop te wijzen dat niet alle tonijn met uitsterven bedreigd is en dat met name "tonijnsalade wordt gemaakt van niet-bedreigde soorten". De miliebewuste consument wordt dus gegarandeerd "dat hij of zij met een gerust hart een broodje tonijnsalade kan blijven eten."

Ik kan dat allemaal snappen binnen de context van hoe we vandaag over dieren eten denken, maar als je zo'n zaken beschouwt "vanuit vegetarisch standpunt", om het zo maar eens te zeggen, dan klinkt het allemaal vrij absurd. Wat onze omgang met dieren betreft kan je (vereenvoudigd) het volgende zeggen: we geven om huisdieren (honden, katten...) en om dieren die om een of andere manier leuk, interessant, spectaculair... zijn, zolang er niet teveel van zijn. Alle dieren (met mogelijke uitzondering van huisdieren) houden op interessant te zijn voor ons zodra er teveel van zijn. Wanneer ze met uitsterven bedreigd beginnen te worden, ontwikkelen we soms de neiging om ze te gaan beschermen (als we ze eten gebeurt dat met grote tegenzin). Met andere woorden, behalve bij katten en honden (en andere huisdieren) zijn enkel groepen van dieren of *soorten* "beschermenswaard", individuen niet of nauwelijks. De soort mag niet verdwijnen (daar zijn goede redenen voor), maar als er tienduizenden individuen verdwijnen van een niet bedreigde soort is er weinig aan de hand.

Vroeger mochten we geen tonijn eten omdat er bij de tonijnvangst ook dolfijnen (zeldzamere, interessante dieren) werden gevangen. Ondertussen zit de tonijn zelf in de knoei en wordt aangeraden om ook hem te sparen en niet bedreigde soorten te eten. Tot die dan weer bedreigd zijn. En zo gaat het voort.

Ik vind 't logischer, eenvoudiger en ethischer om uit te gaan van het individu. We moeten ons best doen om soorten voor uitsterven te behoeden (zeker uitsterven door ons toedoen), maar dat is lang niet genoeg. Een soort is (wellicht) geen entiteit met een bewustzijn, een soort op zich heeft geen gevoelens. Maar een soort bestaat uit (in het beste geval) miljoenen individuen die doorgaans elk op zich kunnen voelen, pijn kunnen lijden, belangen hebben. Als we over mensen nadenken denken we ook niet in termen van de soort maar in termen van individuen. Is er een reden om dat niet bij dieren te doen?


Reacties

  1. Op deze website wordt ook logisch nagedacht. Vlees eten om uitsterven te voorkomen:

    http://www.tradraremeat.co.uk/Files/conservation.htm

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

anonieme reacties worden niet gepubliceerd

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Open brief aan Axl Peleman

Beste Axl, Lang geleden, in 2004, hebben wij nog samengewerkt: je toen nog vegetarische hoofd prijkte - inclusief konijnentandjes - op een affiche voor ons vegetarische evenement V-day. Je was toen de enige echt overtuigde veggie BV. En ik bedoel wel degelijk écht overtuigd: in Humo liet je ooit eens noteren dat je een broodje waar vlees op gelegen had net zo min zou aanraken als een broodje dat met stront in contact geweest was. Vlees is stront, zo zei je toen. Ook in het interview dat ik destijds van je afnam, kwam je heel overtuigd over. Ondertussen ben je al lang geen vegetariër meer. We lazen dat vorige week nog eens in de krant (GVA, 6/6/2011): Vegetarisch eten bleek er na 15 jaar te veel aan te zijn. Niet genoeg tijd. (...) "Vijftien jaar lang at ik geen vlees. Uit ideologische overwegingen. Maar sinds een jaar of zes heb ik het vegetarisme achter mij gelaten. Het is een gezonde levensstijl als je er veel tijd in steekt. Tijd die ik niet meer had, of er in ieder geval