Doorgaan naar hoofdcontent

Mensen of dieren, mensen en dieren

Michiko Kakutani is een van de meest gerespecteerde literaire critici in de Verendigde Staten. Ze won onder meer de Pulitzer Prize voor haar werk, en schrijft voor een van de meest gereputeerde kranten ter wereld, de New York Times. Men zou dus verwachten: een intelligent iemand, die een dom argument weet te onderscheiden van een schrander.

Maar ofwel is mevrouw Kakutani niet zo intelligent, ofwel ben ik dat niet. Beide zijn eigenlijk, in alle bescheidenheid, niet zo waarschijnlijk, en dus moet er nog iets anders aan de hand zijn.
Maar laat ons eerst even kijken waarover we 't hier eigenlijk hebben. Mevrouw Kakutani schreef een (jawel) literaire kritiek van Eating Animals, de laatste pennevrucht van bestseller-auteur Jonathan Safran Foer. Eating animals gaat over de feiten achter ons dagelijks lapje vlees, en ik kan het werk alleen maar aanraden.

Mevrouw Kakutani kan dat niet. In haar recensie in de New York Times komt ze dus, zoals reeds geïnsinueerd, niet bijzonder intelligent over. En een beetje harteloos ook, eigenlijk. Ik verbaas me er steeds weer over hoe mensen, wanneer ze geconfronteerd worden met wreedheden tegenover dieren, toch andere reacties kunnen manifesteren dan gewoon zeggen "miljaar, dat is erg, en dat moet gewoon ophouden." Onze literaire criticus is zo iemand. Ze is weinig onder de indruk van de wantoestanden die Foer aanhaalt, en beschuldigt hem van sentimentaliteit (de wereld zou veel mooier zijn met wat meer sentiment, en vrouwen hoeven wat mij betreft écht niet te bewijzen dat ze niet sentimenteel zijn, maar goed). En meer dan dat. Mevrouw Kakutani stelt zich ernstige vragen bij Foers "sense of priorities and proportion". Foer waagt het voorwaar, zegt zij, om in in de context van dieren te spreken over "atrocities" (wreedheden) en meer nog, hij durft vergelijkingen maken met wantoestanden met mensen!

En zo zien we dat ook een normaal gezien intelligent persoon na een lange inleiding eindigt bij een huizenhoog cliché, een platitude en een enorme dwazigheid: Kakutani vraagt zich af

"how the author can expend so much energy and caring on the fate of pigs and chickens, when, say, malaria kills nearly a million people a year (most of them children), and conflict and disease in Congo since the mid-1990s have left an estimated five million dead and hundreds of thousands of women and girls raped and have driven more than a million people from their homes."

Misschien schrijf ik een ander keertje iets meer over waarom het een het ander niet uitsluit. Laat ons ondertussen volstaan met te veronderstellen dat Mevrouw Kakutani zelf wel beter weet, en de zoveelste persoon is die zal blijven proberen niet te horen wat ze niet wil horen, en daartoe alle mogelijke absurde redenen uitvindt.

Reacties

  1. Jammer. Deze boek staat op mijn "wish list" en ik hoop het binnekort te kunnen lezen. Safran Foer is een geweldige schijver, zowieso.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

anonieme reacties worden niet gepubliceerd

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Open brief aan Axl Peleman

Beste Axl, Lang geleden, in 2004, hebben wij nog samengewerkt: je toen nog vegetarische hoofd prijkte - inclusief konijnentandjes - op een affiche voor ons vegetarische evenement V-day. Je was toen de enige echt overtuigde veggie BV. En ik bedoel wel degelijk écht overtuigd: in Humo liet je ooit eens noteren dat je een broodje waar vlees op gelegen had net zo min zou aanraken als een broodje dat met stront in contact geweest was. Vlees is stront, zo zei je toen. Ook in het interview dat ik destijds van je afnam, kwam je heel overtuigd over. Ondertussen ben je al lang geen vegetariër meer. We lazen dat vorige week nog eens in de krant (GVA, 6/6/2011): Vegetarisch eten bleek er na 15 jaar te veel aan te zijn. Niet genoeg tijd. (...) "Vijftien jaar lang at ik geen vlees. Uit ideologische overwegingen. Maar sinds een jaar of zes heb ik het vegetarisme achter mij gelaten. Het is een gezonde levensstijl als je er veel tijd in steekt. Tijd die ik niet meer had, of er in ieder geval