Doorgaan naar hoofdcontent

Plantaardige gastronomie: ze kunnen het!

Ik eet graag. Wanneer ik op reis ga (vooral in de VS), krijg ik te horen dat ik op Facebook enkel foto’s zet van eten. Eten is een van mijn passies. Koken ook.
Ik ga regelmatig uit eten, maar doorgaans zijn de plaatsen die ik bezoek van het eethuis-niveau. Dat komt niet alleen doordat alle vegetarische restaurants sowieso in die categorie zitten, maar ook omdat culinaire uitspattingen budgettair niet altijd evident zijn.
Helemaal maagd op het gebied van haute cuisine of gastronomie ben ik dan ook weer niet. Destijds, toen Frank Fol zijn restaurant Sire Pynnock in Leuven nog openhield, heb ik daar een paar keer geweldig lekker vegan gegeten. Eén keer heeft Frank me getrakteerd, en de andere keer werd ik getrakteerd door een journalist - het geld ik zo niet moest uitgeven, was ik daarna kwijt aan een taxi Leuven - Gent, nadat ik de laatste trein gemist had. Maar ik dwaal af.
Sire Pynnock dus, en een trapje lager, de gastronomische diners van EVA, in Avalon of in de Vegetarische Kookstudio, dat zijn dingen die ik al heb meegemaakt. En nu, deze week, een viergangen lunch in restaurant Coeur d’Artichaut, toen de stad Gent samen met EVA een twintigtal Gentenaars trakteerde.
Tom Van Lyssebetten is de jongeman die daar achter het fornuis staat. En boy, wat een memorabele maaltijd (hier de recepten) heeft ie ons bezorgd. Nu mag u denken: Tobias eet zelden op enig niveau, dus weet hij veel! Dat zou een terechte opmerking zijn, ware het niet dat aan mijn dis een paar andere (niet vegetarische) genodigden zaten die iets meer gewend waren van deftig te tafelen. En ook zij vonden het geheel niet te versmaden.



En ik dacht bij mezelf: ze kunnen het wél, die chefs. Een klassiek geschoolde chef die een beetje van goede wil is en een zekere creativiteit in zijn vingers heeft, kan duidelijk iets geweldigs uit zijn koksmouw schudden. Zelf ben ik al vijftien jaar een vegan amateurkok. Ik ben ongeveer elke dag met plantaardige voeding bezig. Tom Van Lyssebetten is er nauwelijks mee bezig, maar steek hem die opdracht in zijn pollen en hij maakt er iets schitterends van. Stel je dan voor dat ie zich daar eens op toelegt. Wat kan daar allemaal aan moois uitkomen!
De mogelijkheden zijn eindeloos. Ik heb me laten vertellen dat er op de wereld 80.000 eetbare plantensoorten zijn, terwijl 90 % van wat we eten wordt ingevuld door slechts 20 verschillende soorten. Dus beeld je in wat er nog allemaal te ontdekken is. En stel je voor wat er gebeurt wanneer meer en meer mensen ervaren dat je geweldig heerlijk kan eten, op dat niveau, zo esthetisch verantwoord ook, zonder dierlijke producten.
En dan ben ik nog niet eens naar een sterrenrestaurant geweest.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Flexibel vegetariër zijn?

Ik wil iets zeggen waar vele rabiate vegetariërs en veganisten misschien het vliegend sch*#!t zullen aan hebben. Het gaat over flexibele vegetariërs. Ik schrijf bewust niet "flexitariërs", want deze laatste term heeft (jammer genoeg vind ik) de betekenis gekregen van "parttime vegetariër": iemand die pakweg 3 à 4 dagen per week veggie eet en andere dagen vlees. Nee, ik heb het over vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken. Da's moeilijk om te zeggen, want vegetariërs die af en toe uitzonderingen maken, dat zijn eigenlijk geen vegetariërs. En daarover gaat het. Als ik vroeger dergelijke bijna-vegetariërs (laat ons ze zo even noemen) tegenkwam, dacht ik altijd: hoe flauw, hoe inconsequent, hoe hypocriet. Ondertussen ben ik - terwijl ik zelf nog steeds een min of meer uitzonderingsloze veganist ben, daar niet van - van mening veranderd. Ja, ik stoor me zelfs een beetje aan de ("echte") vegetariërs die er altijd als de kippen bij zijn om van die bi

Brief aan de omnivore medemens

Vegetariërs zijn ook maar mensen, en mensen willen begrijpen en begrepen worden. Vandaar deze poging om een en ander uitgelegd te krijgen aan niet-vegetariërs. Liefste omnivore medemens, Wij vegetariërs (eigenlijk moet ik voor mezelf spreken, maar goed) kunnen u al eens op de zenuwen werken. We storen u met onze preken, we eten niet altijd op wat u ons voorschotelt, we doen lastig als we samen op restaurant willen, we vertragen alles doordat we verpakkingen willen nalezen, we reageren soms sociaal onaangepast en we doen u af en toe misschien zelfs schuldig voelen. Weet, beste medemens, dat het vegetariër-zijn in een carnivore wereld ons niet altijd even makkelijk valt en sta me toe u een kleine inkijk te geven in het hoofd van tenminste één veggie. Jawel, het vegetarische leven is niet altijd simpel. O nee, ik heb het niet over die duizenden keren dat we dezelfde vragen moeten beantwoorden (wat eet jij eigenlijk? waar haal je je eiwitten vandaan?), over dat lezen van die verpakking

Open brief aan Axl Peleman

Beste Axl, Lang geleden, in 2004, hebben wij nog samengewerkt: je toen nog vegetarische hoofd prijkte - inclusief konijnentandjes - op een affiche voor ons vegetarische evenement V-day. Je was toen de enige echt overtuigde veggie BV. En ik bedoel wel degelijk écht overtuigd: in Humo liet je ooit eens noteren dat je een broodje waar vlees op gelegen had net zo min zou aanraken als een broodje dat met stront in contact geweest was. Vlees is stront, zo zei je toen. Ook in het interview dat ik destijds van je afnam, kwam je heel overtuigd over. Ondertussen ben je al lang geen vegetariër meer. We lazen dat vorige week nog eens in de krant (GVA, 6/6/2011): Vegetarisch eten bleek er na 15 jaar te veel aan te zijn. Niet genoeg tijd. (...) "Vijftien jaar lang at ik geen vlees. Uit ideologische overwegingen. Maar sinds een jaar of zes heb ik het vegetarisme achter mij gelaten. Het is een gezonde levensstijl als je er veel tijd in steekt. Tijd die ik niet meer had, of er in ieder geval